U bent hier

Materialen en technieken hout en houten meubelen

Materialen en technieken hout en houten meubelen

Voor een goede bewaring en onderhoud is het van groot belang om zoveel mogelijk informatie te verzamelen over het meubel op het vlak van materiaalgebruik, constructie, afwerking en de huidige conditie van het meubel. Hier vind je terug uit welke materialen en technieken houten meubelen bestaan. Het zijn er heel wat. 
Auteur:  Peter Taeymans, 2015

marquetterie© A-C Olbrechts

HOUT

Hout kan in verschillende vormen verwerkt worden: massief, gelamineerd (bv. triplex), fineer, vezelplaat, etc.. Om een meubel te maken moet men verschillende constructies toepassen om alles samen te houden. Deze constructies kunnen bijvoorbeeld bestaan uit: vergaarde houtverbindingen, gebruik van gesmede spijkers, verlijmingen met huidenlijm, ... .Deze technieken zijn in de loop der eeuwen ontwikkeld en geëvolueerd; de kennis en het gebruik ervan, wat wordt verstaan onder de noemer ‘ambacht’ is van groot belang, ook het kunnen “lezen” van een meubel uit de collectie is zeer belangrijk.

Zie figuur 1 onderaan deze pagina: 13de eeuwse boomstamkoffer, Museum Vleeshuis Antwerpen, Massieve boomstam met gesmeed ijzer


ANDERE MATERIALEN VOOR HOUTEN MEUBELEN

Andere materialen die verwerkt zijn hebben meestal als functie het meubel te verfraaien. Na verloop van tijd is niet enkel de functie maar ook de uitstraling belangrijk geworden.

  • Het verfraaien van een meubel kan door het gebruik van verschillende duurdere of zeldzame houtsoorten op te lijmen  (fineer) op een constructie. 
  • Zie figuur 2 onderaan deze pagina: 18de eeuws Hollands klepbureau, fineer gesneden met het mes, schaduwtechniek dmv warm zand, Fineerhout: mahonie, esdoorn, ... hoorninvullingen, afwerking: schellak vernis.
  • Marquetterie is zo vervaardigd: een dun laagje hout, fineer, uitgezaagd in de meest complexe taferelen zodat men als het ware ‘schildert' met hout. Niet alleen fineerhout werd hierbij gebruikt maar ook andere dure en eerder zeldzame materialen zoals schildpadschelp zijn aangewend. Dit werd dan zeer dun verwerkt (geschraapt, geschuurd, gepolijst) door ze te verlijmen met een achterliggend rood papiertje of rode lijm verkreeg men het veelal typische rood met donkerbruin vlekkenpatroon. Hetzelfde gaat op voor parelmoerstukjes, edelsteen of een mozaïek van steen of nog de befaamde ‘Boulletechniek’, waarbij patronen uitgezaagd werden waarin dan messing en schildpadschelp verwerkt werd.
  • Zie figuur 3 en 4 onderaan deze pagina: 17de-eeuws kabinet, privé-verzameling, ebbenhout, zilver en schildpadschelp en gelijkaardig kabinet, typische “secreten” (geheime lades).


LIJM

Al deze “verfraaiingen” werden veelal opgelijmd. Tot het begin van de 20ste eeuw is de gebruikte lijm van dierlijke oorsprong (collageenlijm); verwerkt uit runderhuiden (huidenlijm), runderbeenderen (beenderlijm), visblazen (steurlijm), etc. In de volksmond gekend onder ‘warme lijm’ maar zo heeft elk type zijn specifieke eigenschappen en gebruik. Een eigenschap die ze gemeen hebben is de oplosbaarheid in water. Onder goede klimatologische condities is deze lijm uiterst duurzaam maar bij te vochtige of te droge omstandigheden ( zie rubriek: verkeerde relatieve vochtigheid en klimaatschommelingen) verliest de lijm zijn functie en komen de verschillende stukken los.

Zie figuur 5 onderaan deze pagina: Ebbenhoutfineer op populieren structuurhout gelijmd met collageenlijm. Een dun laagje hout gelijmd met wateroplosbare lijm dwars op de houtrichting van de ondergrond geeft duidelijk problemen als het vochtklimaat niet optimaal wordt gehouden.


AFWERKLAAG

Een andere verfraaiingstechniek is het aanbrengen van een afwerklaag. Voor meubelen hebben we door de eeuwen heen een scala aan afwerklagen ontwikkeld, elk met zijn eigen aanbrengingstechniek, uitzicht en gevoeligheden. 
We onderscheiden transparante en niet transparante afwerklagen:

1. Transparante afwerklagen

2. Niet transparante afwerklagen

  • geen afwerklaag, blank hout komt veel voor maar eerder als niet-zichtbare onderdelen
  • verf (mono- polychroom) 
  • vergulding

Zie figuur 6 onderaan deze pagina: achterzijde schilpadschelp: het rode is huidenlijm vermengd met vermiljoen pigment. Langs de voorzijde geeft dit de mooie typische rode kleur van schildpadschelp. De rode kleur kan ook verkregen worden d.m.v. een rood papiertje.

Zie figuur 7 onderaan deze pagina: 18de-eeuwse klok bekleed met “Boulle techniek”, messing, hoorn en schilpadschelp. Privéverzameling. Bij een vorige restauratie-ingreep is een foutieve lijm gebruikt, deze tekent zich wit af.

3. Functies

  • een beschermende functie tegen aanraken, water, vuil, etc. 
  • een esthetische functie: door transparantie, kleur, verzadigingscapaciteit, maar vooral ook door de glans.  

4. Soorten glans 

  • hoogglans (spiegelachtig)
  • satijn (het oppervlak is oneffen en hierdoor is er minder glans)
  • mat (weinig of geen weerkaatsing)

Zo kan een hoogglans, bekomen met een schellakpolitoer, meer ‘luister’ geven aan een marquetterie-meubel. Weliswaar is deze bepaalde techniek pas in de mode gekomen in de 19de eeuw en vanaf dan ook veelvuldig toegepast bij restauraties van meubels.

Massiefhouten oppervlakken worden bijvoorbeeld veel afgewerkt met was, al of niet gepigmenteerd. Bijenwas in combinaties met natuurharsen komt veel voor bij de afwerking van meubilair in religieuze context.

Het uitzicht en de tand des tijds staan voor een verouderingsproces dat deels onder ‘patina’ kan gevat worden.


PATINA

Slijtage, vervuiling door aanraking, veroudering, ... kunnen een geapprecieerd aspect geven aan het meubel genaamd patina, ook wel patine genoemd. Patina wordt veelal aanzien als een positief aspect en wordt dus ook best behouden. Poets het dus niet weg.

De tijd, chemische processen, conditionering, werken in op een afwerklaag en doen het veranderen.
Een afwerklaag kan dof of mat uitslaan, donker of geel worden, craqueleren, ... na verloop van tijd. Dit betekent niet per definitie dat de afwerklaag niet meer naar behoren functioneert, het esthetisch aspect is soms alleen veranderd. Deze veranderingen zitten veelal mee in het begrip patina, het is bijgevolg een deel geworden van een oud of ‘verouderd’ meubel.

Zie figuur 8 onderaan deze pagina: 18de-eeuwse commode, gefineerd, lacunes en oude restauratie zichtbaar, privéverzameling

Zie figuur 9 onderaan deze pagina: Ladefront, commode, Inwerking van (zon)licht, achter het handvatplaatje is nog de (donkerdere) kleur aanwezig. Origineel was er ook een ander beslag voorzien dit gezien de verschillende gaten in het hout. Privé-verzameling.

Zie figuur 10 onderaan deze pagina: De kleur van het meubel is vaal, lichtbruin, bleek, door invloed van het licht is dit vervaagd. 19de eeuws bureau, rozenhout, Privé-verzameling.

TIPS & TRICKS

  • Afwerklagen zijn eigenlijk zeer gevoelig voor bijvoorbeeld water, zeep en detergent, allerlei kuisproducten, solventen zoals aceton, methanol, white-spirit. Nat reinigen laat je dan ook beter over aan een specialist houtrestauratie.
  • Als je een afwerklaag verwijdert, dan haal je de ouderdomspatine weg en verdwijnt ook een stukje van de geschiedenis, de authenticiteit. Laat de patina dus zitten!

 

Figuur 1: 13de eeuwse boomstamkoffer, Museum Vleeshuis Antwerpen ©Peter Taeymans/IPARC, België
Figuur 2: 18de eeuws Hollands klepbureau © Peter Taeymans/IPARC België.
Figuur 3: 17de eeuws kabinet, privé verzameling, ebbenhout, zilver en schildpadschelp © Peter Taeymans/IPARC, België
Figuur 4: 17de eeuws kabinet, privéverzameling, secreten ©Peter Taeymans/IPARC, België
Figuur 5: Ebbenhoutfineer op populieren structuurhout gelijmd met collageenlijm ©Peter Taeymans/IPARC, België
Figuur 6: achterzijde schildpadschelp © Peter Taeymans/IPARC, België
Figuur 7: 18de eeuwse klok bekleed met “Boulle techniek” , messing, hoorn en schilpadschelp ©Peter Taeymans/IPARC, België
Figuur 8: 18de eeuwse commode, gefineerd, lacunes en oude restauratie zichtbaar, privéverzameling© Peter Taeymans/IPARC, België
Figuur 9: Ladefront, commode, Inwerking van (zon)© Peter Taeymans/IPARC, België
Figuur 10: De kleur van het meubel is vaal, lichtbruin, bleek, door invloed van het licht is de vervaagd © Peter Taeymans/IPARC, België
Laatst gewijzigd op 15/05/2019