U bent hier

Bestrijdingsmethodes

Bestrijdingsmethodes

Hoewel je alles in het werk stelt om schade te vermijden aan de collectiestukken in je beheer, stel je soms toch een aantasting door insecten of schimmel vast. Isoleer dan het voorwerp en controleer of er nog andere objecten aangetast zijn. Als het wegnemen van de oorzaak niet helpt, dan heeft het stuk een behandeling nodig. Meestal zal je dit moeten uitbesteden, maar sommige dingen kan je zelf toepassen. We zetten de voor- en nadelen per methode op een rij.

Dit hoofdstuk kwam tot stand met de hulp van Annelies De Mey en Andries Deknopper.

Principe

Zoals elk levend wezen zijn insecten en schimmels afhankelijk van een aantal factoren om te kunnen overleven. Wanneer een van deze factoren wegvalt of tot extreme waarden opklimt of zakt, gaat het insect dood of wordt de schimmel inactief. Insecten hebben bijvoorbeeld zuurstof en een voedingsbron nodig. Het zijn koudbloedige wezens, waardoor ze inactief worden bij lage temperaturen. Een te hoge temperatuur overleven ze evenmin. De non-toxische bestrijdingsmethodes zijn op deze gegevens gebaseerd.

Daarnaast bestaan er nog enkele toxische methodes voor de bestrijding van insecten. We willen geen lans breken voor het gebruik van insecticiden, vanwege het erfgoed, de menselijke gezondheid en vanuit ecologische overtuiging. We willen echter wel een overzicht bieden om erfgoedzorgers te informeren en misverstanden te ontkrachten.


Belangrijke voorwaarde: eerste en laatste stap

Twee acties zijn cruciaal voor een efficiënte bestrijding, ongeacht welke methode je kiest:

  • De eerste stap in het bestrijden van insecten en schimmel is het aanpassen van de bewaaromgeving (stap 1 van Integrated Pest Management of IPM): verlaag de RV en/of verlaag de temperatuur*, maak de ruimte schoon. Vergeet dit niet, want:
    • Je voorkomt terugkeer van het probleem na de bestrijding.
    • Het kan voldoende zijn om sommige insecten te verdrijven of te laten uitdrogen. Bv. beperkte aantasting door zilvervisjes.
    • Het zorgt er minstens voor dat insecten en schimmels minder actief zijn.
  • Na de behandeling verwijder je alle dode insecten, boormeel en cocons / alle schimmelsporen. Zo kan niemand de oude aantasting voor een nieuwe aanzien en trekken de dode beestjes geen nieuwe aan. Noteer in het collectiebeheersysteem dat de behandeling heeft plaatsgevonden en blijf de omgeving monitoren.

* In een omgeving zonder dure klimaatinstallatie zijn beide moeilijk combineerbaar. Aangezien het verlagen van de RV de grootste impact heeft, kan de eenvoudigste oplossing zijn om daarvoor de temperatuur juist te verhogen. Zie Binnenklimaat beheersen.


Overzicht van bestrijdingsmethodes

Welke bestrijdingsmethode je best kiest, ligt niet voor de hand. De tabel hieronder geeft in een notendop de voor- en nadelen per methode weer. Tijd en prijs zijn erg afhankelijk van de situatie, dus louter indicatief. Lees zeker ook de meer gedetailleerde uitleg per methode en win advies in voor je eraan begint.

 
S*
I*
Non-toxisch
100% dood
Alle erfgoed
In huis
Zelf
Tijd
Prijs
Omgeving (T en/of RV)
+
+
+
 
+
+
+
 
(+)
Anoxie
 
+
+
+
+
+
(+)
 
(+)
Invriezen
 
+
+
+
 
+
+
 
+
Opwarmen
 
+
+
+
 
+
 
+
(+)
Instrijken
 
+
 
 
 
+
+
+
+
Injecteren
 
+
 
 
 
+
 
(+)
(+)
Vergassen
 
+
 
+
 
 
 
+
 
Gammastralen
+
+
+
+
 
 
 
+
 
Manueel verwijderen
+
 
+
 
+
+
+
 
+
Ethanol
+
 
+
+
 
+
   
(+)
Rookkaars
+
 
 
 
 
+
+
+
+

*S = geschikt tegen schimmel; I = geschikt tegen insecten.
(+) = afhankelijk van de hoeveelheid of de submethode.

Verschillende factoren kunnen de keuze van de bestrijdingsmethode mee bepalen:

  • Het type aantasting en het soort insect: bv. bij houtborende insecten heeft een oppervlaktebehandeling niet altijd effect (zie insectenfiches).
  • De aanwezige materialen in het voorwerp en de materiaalvochtigheid: sommige methodes kunnen extra schade toebrengen.
  • De fragiliteit en grootte van de stukken: zijn ze zonder grote risico's hanteerbaar en verplaatsbaar?
  • De hoeveelheid te behandelen stukken: bij sommige methodes kan je veel stukken in één keer behandelen.
  • De aanwezige infrastructuur: bv. diepvriezer in huis, anoxiekamer voor de provincie Oost-Vlaanderen.
  • De beschikbare tijd en mankracht.
  • De prijs.

Geraak je er niet uit? Vraag advies aan een van je consulenten, Monumentenwacht of een conservator-restaurator.


Curatief vs. proactief behandelen

Volgens het principe van IPM ga je pas over tot bestrijding als er sprake is van een actieve aantasting door insecten of schimmel. Dit noemen we curatief behandelen.

Voor nieuwe inkomende stukken, terugkerende bruiklenen of bij de inhuizing van een nieuw depot wil je als depotbeheerder graag zeker zijn dat er geen insecten mee binnenkomen. Ook al ben je niet zeker van een effectieve aantasting, toch kan het deel uitmaken van je procedure om proactief te behandelen. Zo zet je het risico tijdelijk terug op 'nul' en creëer je een schone lei. Let wel op: zelden heeft een behandeling een preventief (doorwerkend) effect, verwar deze termen dus niet met elkaar. 

  • Dikwijls gaat het hier om grotere hoeveelheden, waarbij visuele inspectie te veel tijd zou kosten. Het Openluchtmuseum Bokrijk geeft bijvoorbeeld alle organische stukken die in het openluchtmuseum hebben gestaan op het einde van het seizoen een warmtebehandeling. Hun depot is volgens dit concept gebouwd: de vaste Thermo Lignum® warmtekamer bevindt zich tussen de straat en de depotruimte en fungeert als sas. Dit is de meest haalbare manier om het depot insectvrij te houden, vermits het risico in de oude huizen en schuren reëel is.
  • Kies hiervoor een veilige, non-toxische methode, om het risico op schade (door insecten) weg te nemen in plaats van te verhogen (door verkleuringen, corrosie en andere ongewenste effecten van het pesticide). 

Voor bestrijding van potentiële schimmel- of zwamaantasting is het niet aan te bevelen om proactief te behandelen, aangezien de meeste behandelingen niet zonder nadeel zijn. Test eerst of het echt om schimmel gaat en win dan advies in. Oppervlakkig, verdacht pluis kan je natuurlijk zelf manueel verwijderen. Het verlagen van de luchtvochtigheid (< 65%) is altijd nuttig en zal de groei vertragen.


Een firma inhuren

Chemische insectenbestrijding, maar ook de non-toxische behandeling van complexere voorwerpen, laat je best over aan professionals.

Afhankelijk van de situatie kan je terecht bij Monumentenwacht, een zelfstandig restaurator of een firma gespecialiseerd in ongediertebestrijding. Jij als depotmedewerker moet echter controleren of de gebruikte methode en chemicaliën kwalitatief en veilig zijn voor je collega's, bezoekers en - vooral - de collectiestukken. Win advies in bij een van je consulenten, bij Monumentenwacht of collega's uit de erfgoedsector.

De Europese norm EN 16636:2015 voor ongediertebestrijdingsfirma's wil een kwaliteitsgarantie bieden voor een professionele service met voldoende aandacht voor opleiding en expertise en voor het minimaliseren van risico's voor de menselijke gezondheid en het leefmilieu. Het is welteverstaan de sector ongediertebestrijding zelf die meeschreef aan de norm en op basis hiervan tegen betaling certificaten uitreikt. Onthoud dat het certificaat geen verplichting is, niet voor iedereen interessant is en bovendien niets zegt over het begrip voor erfgoed!

Tips & trucs

  • Tips for Hiring a Museum Pest Contractor van The Integrated Pest Management Working Group (museumpests.net).
  • Een goede relatie met een ongediertebestrijder is gebaseerd op wederzijdse erkenning van elkaars expertise. Communiceer duidelijk over de kwaliteitsvereisten en manier van werken in een museum, archief of andere erfgoedorganisatie. Dit kan bijvoorbeeld inhouden dat alle handling en verpakking door een collectiemedewerker gebeurt. Overleg bij twijfel samen over de beste aanpak/methode.
  • Om de kwaliteit van offertes te beoordelen, kan je vragen dat een firma referenties uit de erfgoedsector vermeldt, opleidingen van het toegewezen personeel, alsook met welke Europese of Belgische normen de firma compliant is (dit wil zeggen: voldoet eraan, maar is niet officieel geaccrediteerd). Zie bv. ook de CEPA Certified Self-evaluation Test.
Laatst gewijzigd op 08/06/2018