U bent hier

Zonwering

Zonwering

Als er in de depotruimte daglicht binnenvalt, is het belangrijk dit op de geschikte manier te weren. Daglicht geeft zowel ultraviolet- als infraroodstralen af.

Zonwering met ultravioletwerende folie. Archief Gemeente Laarne

SCHADELIJKE WERKING VAN DAGLICHT

Daglicht zorgt niet alleen voor schadelijke straling, maar kan ook het klimaat verstoren door de warmteontwikkeling en de fluctuaties die daarvan het gevolg zijn.

Als de temperatuur stijgt, daalt de relatieve vochtigheid, terwijl temperatuurschommelingen ook schommelingen in de relatieve vochtigheid veroorzaken. Door een daling van de relatieve vochtigheid droogt organisch materiaal uit, wat kan leiden tot verzwakking, scheuren of barsten. Schommelingen in de relatieve vochtigheid veroorzaken bijvoorbeeld losse verlijmingen, losse verflagen en het bros worden van textiel.

Infrarode straling zorgt voor warmteontwikkeling: hoe hoger de temperatuur is, hoe sneller chemische afbraakprocessen verlopen.


MOGELIJKHEDEN OM HET DAGLICHT TE WEREN

1. Binnenzonwering en buitenzonwering hebben een vrij grote impact op het gebouw.
2. Wegfiltering is minder ingrijpend voor het gebouw en interieur.

TIPS EN TRUCS

  • Houd bij de keuze van zonwering niet alleen rekening met de warmte- en lichtreducerende werking, maar ook met inbraakpreventie, insectenwering en duurzaamheid.
  • De meest doeltreffende manier om de warmtetoename te beperken is het weren van rechtstreeks zonlicht door buitenzonwering, maar dat vraagt meer onderhoud en is technisch moeilijker te plaatsen.
  • Voor het uitzicht van een gebouw dat van oudsher aan de buitenkant nooit zonwering heeft gehad, is zonwering aan de binnenkant over het algemeen de beste keuze.
  • Kies in de eerste plaats voor materialen met brandvrije eigenschappen.
  • Vraag ook steeds naar duurzame materialen.                                                                        

Zie bij de hoofdstukken binnenzonwering, buitenzonwering en wegfiltering van het daglicht over de mogelijkheden. 


afwegen

  • Denk bij het aanbrengen van zonwering niet alleen aan de binnenzijde, maar ook aan het effect op de buitenzijde/gevel van het gebouw. Behalve de vorm bepaalt ook de kleur in hoge mate het gevelbeeld.
  • Welke zonwering is er al op/in het gebouw aanwezig? En welke was er vroeger? 
  • Wat zijn de mogelijkheden op/in het gebouw voor binnen- en buitenzonwering? 
  • Hoe is de schaduwwerking van de omgeving en de oriëntatie van het pand? 
  • Hoe is de windbelasting op de gevels? 
  • Wat is de grootte van de ramen? Hun hoogte en breedte bepalen grotendeels de mogelijkheden.
  • Zijn er naar buiten of naar binnen draaiende ramen? 
  • Welke technische en bouwkundige mogelijkheden heeft het pand? 
  • Welke mate van doorzicht is gewenst?
  • Mag de zonwering opvallen of net niet?
  • De gedachte dat het licht aan de noordzijde 'onschuldiger' is dan het binnenvallende zonlicht aan de zuidkant, klopt niet. Al zal dat laatste wel meer warmteontwikkeling veroorzaken, toch bevat het noorderlicht in verhouding meer uv-straling.
  • Welke mogelijkheden zijn er om de zonwering schoon te maken?


Bijkomende afwegingen bij historische gebouwen

  • Bij het aanbrengen van zonwering op historische gebouwen contacteer je het best een erfgoedconsulent. 
  • Bij beschermde gebouwen heb je voor zo'n aanpassing de toelating nodig van het Agentschap Onroerend Erfgoed.  
  • In welke stijl is het pand gebouwd? 
  • Wat was de oorspronkelijke functie? 
  • Is er oorspronkelijk zonwering aanwezig geweest aan de binnen- of buitenkant? Zijn de ramen kenmerkend voor het gebouw? 
  • Hoe wordt de gevel ervaren? Hoe is de uitstraling van het gebouw in zijn omgeving? 
  • Hoe worden de ramen vanuit de binnenkant ervaren? 


Als het cultuurhistorische belang is afgewogen, als herstel van de historische zonwering geen optie is en als je kiest voor een moderne zonwering, is het belangrijk tot een afgewogen keuze te komen.

Het beste onderzoek je voor elk gebouw afzonderlijk, of zelfs voor iedere ruimte, wat de mogelijkheden voor een passende oplossing zijn. Binnen een pand of zelfs bij één venster kunnen verschillende typen zonwering naast elkaar worden gebruikt, bijvoorbeeld uitvalschermen en plissés.

TIP

Als er in de zalen gebruik wordt gemaakt van getemperd of gefilterd daglicht, kun je de wanden laten schilderen met een sterk pigmenthoudende witte verf (titaniumdioxide, zinkoxide of loodoxide). De pigmenten absorberen ultraviolette stralen, zodat het gehalte in het gereflecteerde licht sterk wordt verlaagd.

Laatst gewijzigd op 15/02/2016